Engels·Basis
Present simple of continuous
Gebeurt het altijd, of gebeurt het nu? Dat is de hele vraag.
5 stappen, 12 oefenzinnen
OefenenZo loopt dit onderwerp
- 1Altijd of nuLezen
- 2De twee tijden naast elkaarTabel invullen
- 3Welke tijd?5 zinnen
- 4De -s en de werkwoorden zonder -ing4 zinnen
- 5Zelf een zin schrijven3 zinnen
Nederlands heeft hier één tijd voor. "Ik werk" kan van alles betekenen: ik heb een baan, of ik zit nu te werken. Engels dwingt je te kiezen, en dat is voor Nederlanders het lastigste aan de hele taal.
| Tijd | Waar hij voor is | Voorbeeld |
|---|---|---|
| present simple | gewoontes, feiten, dingen die altijd zo zijn | I work in a shop. Water boils at 100 degrees. |
| present continuous | nu bezig, of tijdelijk | I am working right now. She is staying with us this week. |
De beruchte -s
In de present simple krijgt alleen he, she en it een -s. Verder niets. Het is één letter, en het is de fout die op elke toets terugkomt.
| simple (work) | continuous (be working) | |
|---|---|---|
| I | work | am working |
| you | work | are working |
| he / she / it | works | is working |
| we | work | are working |
| they | work | are working |
- Gewoon -s: work → works, play → plays.
- Na -s, -sh, -ch, -x, -o komt er -es bij: watch → watches, go → goes, do → does.
- Een medeklinker plus -y wordt -ies: study → studies, try → tries. Maar play → plays, want daar staat een klinker voor de y.
Werkwoorden die nooit continuous zijn
Een groepje werkwoorden gaat niet over doen maar over zijn, weten of vinden. Die staan nooit in de -ing-vorm, ook niet als het nu gebeurt.
- denken en weten: know, understand, remember, believe, mean.
- vinden en voelen: like, love, hate, prefer, want, need.
- hebben en zijn: be, have (bezit), belong, own, cost, seem.
Veelgestelde vragen
Wanneer gebruik ik de present continuous?
Als iets nu bezig is of tijdelijk zo is: I am working right now, she is staying with us this week. Bij gewoontes en feiten pak je de present simple: I work in a shop.
Waarom mag "I am knowing" niet?
Omdat know geen handeling is maar een toestand. Datzelfde geldt voor understand, believe, like, want, need en have in de betekenis van bezitten.