Frans·Basis
Het bijvoeglijk naamwoord
Het past zich aan het woord aan, en het staat meestal áchter dat woord.
5 stappen, 11 oefenzinnen
OefenenZo loopt dit onderwerp
- 1Meebuigen met het woord ernaastLezen
- 2De vier vormen van petitTabel invullen
- 3De onregelmatige vrouwelijke vormenTabel invullen
- 4De vorm6 zinnen
- 5De plaats5 zinnen
Een Frans bijvoeglijk naamwoord past zich aan het zelfstandig naamwoord aan waar het bij hoort. Er komt een -e bij als dat woord vrouwelijk is en een -s als het meervoud is.
| mannelijk | vrouwelijk | |
|---|---|---|
| enkelvoud | petit | petite |
| meervoud | petits | petites |
| mannelijk | vrouwelijk |
|---|---|
| heureux (-eux) | heureuse |
| sportif (-f) | sportive |
| premier (-er) | première |
| bon (-on) | bonne |
| naturel (-el) | naturelle |
| blanc | blanche |
| beau | belle |
| vieux | vieille |
| nouveau | nouvelle |
| long | longue |
Waar staat het?
In het Frans staat het bijvoeglijk naamwoord meestal achter het zelfstandig naamwoord: *une voiture rouge*, *un film intéressant*, *une histoire vraie*. Dat is precies andersom dan bij ons.
Een klein groepje veelgebruikte woorden staat er wél voor. Het zijn de korte woorden over grootte, leeftijd, kwaliteit en volgorde: beau, joli, bon, mauvais, grand, gros, petit, jeune, vieux, nouveau, long, premier, dernier.
une petite maison een klein huis
un bon film een goede film
une voiture rouge een rode auto
un livre intéressant een interessant boek
Een paar woorden betekenen iets anders vóór of achter het woord: un ancien élève (een oud-leerling) tegenover un vase ancien (een antieke vaas), en un grand homme (een groot man) tegenover un homme grand (een lange man).
Veelgestelde vragen
Staat het bijvoeglijk naamwoord in het Frans voor of achter het woord?
Meestal erachter: une voiture rouge. Alleen een klein groepje korte, veelgebruikte woorden staat ervoor: beau, joli, bon, mauvais, grand, gros, petit, jeune, vieux, nouveau, long, premier en dernier.
Wanneer wordt beau tot bel?
Voor een mannelijk woord dat met een klinker of stomme h begint: un bel homme, un bel arbre. Hetzelfde gebeurt met nouveau (nouvel) en vieux (vieil).
Hoe maak ik de vrouwelijke vorm van een bijvoeglijk naamwoord?
Meestal met een -e. Woorden op -eux worden -euse, op -f worden -ve, op -er worden -ère, en op -on, -el of -en verdubbelen de medeklinker: bonne, naturelle, ancienne.