Franse grammatica

Frans·Examen

Het gérondif

En mangeant, en lisant: twee dingen tegelijk, of hoe je iets doet.

Meteen oefenen

2 stappen, 5 oefenzinnen.

Oefenen

Zo loopt dit onderdeel

  1. 1De vorm op -antLezen: de regel met de voorbeelden erbij.
  2. 2De vorm en het gebruik5 zinnen om zelf te maken.

Neem de nous-vorm van de tegenwoordige tijd, haal er -ons af en zet -ant neer. Zo krijg je het participe présent: parlons → parlant, finissons → finissant, prenons → prenant.

être → étant (onregelmatig)

avoir → ayant (onregelmatig)

savoir → sachant (onregelmatig)

Il mange en regardant la télé.

En travaillant, tu réussiras.

Wat en ervoor doet

  • Tegelijk: Il chante en travaillant, hij zingt terwijl hij werkt.
  • Hoe: Elle a réussi en travaillant beaucoup, door hard te werken.
  • Voorwaarde: En partant maintenant, tu arriveras à l’heure, als je nu vertrekt.
  • tout en zet er een tegenstelling in: Tout en sachant la vérité, il n’a rien dit.

Zonder en is dezelfde vorm vaak een bijvoeglijk naamwoord, en dan past hij zich aan: *une histoire amusante*, *des enfants charmants*. Als werkwoordsvorm blijft hij onveranderd: *les élèves parlant français* (de leerlingen die Frans spreken).

Veelgestelde vragen

Hoe maak je het gérondif?
Neem de nous-vorm van de tegenwoordige tijd, haal -ons eraf en zet -ant erop, met en ervoor: en parlant, en finissant, en prenant. Alleen être (étant), avoir (ayant) en savoir (sachant) zijn onregelmatig.
Wat is het verschil tussen en parlant en parlant?
Met en hoort de vorm bij het onderwerp van de hoofdzin en betekent hij "terwijl/door te". Zonder en werkt hij als een bijvoeglijke bepaling bij het woord ervoor: les élèves parlant français.

Nu zelf invullen

Lezen gaat vanzelf; opschrijven is waar het blijft hangen. 5 zinnen om zelf te maken, en bij elk antwoord staat er in één zin bij waarom het zo is.

Beginnen met oefenen

Andere onderwerpen in het Frans