Frans·Examen
De subjonctif
Wat er na il faut que en na een gevoel komt: geen feit, maar een wens.
Meteen oefenen
5 stappen, 11 oefenzinnen.
Zo loopt dit onderdeel
- 1Geen feit maar een wensLezen: de regel met de voorbeelden erbij.
- 2De uitgangen van de subjonctifDe tabel zelf invullen, tot hij helemaal klopt.
- 3De zes onregelmatigeDe tabel zelf invullen, tot hij helemaal klopt.
- 4De vorm6 zinnen om zelf te maken.
- 5Wel of geen subjonctif5 zinnen om zelf te maken.
De indicatief zegt hoe het is: *il vient*. De subjonctif zegt hoe iemand het wil, vreest of betwijfelt: *je veux qu’il vienne*. Hij staat bijna altijd in een bijzin na que, en je kiest hem niet zelf: het woord ervoor bepaalt hem.
Maken doe je hem uit de ils-vorm van de tegenwoordige tijd: haal -ent eraf en plak de uitgangen erachter.
ils parlent → parl- → que je parle
ils finissent → finiss- → que je finisse
ils prennent → prenn- → que je prenne
| que… | parler (parl-) | finir (finiss-) | prendre (prenn-) |
|---|---|---|---|
| je | parle | finisse | prenne |
| tu | parles | finisses | prennes |
| il / elle | parle | finisse | prenne |
| nous | parlions | finissions | prenions |
| vous | parliez | finissiez | preniez |
| ils / elles | parlent | finissent | prennent |
| que je | que nous | qu’ils | |
|---|---|---|---|
| être | sois | soyons | soient |
| avoir | aie | ayons | aient |
| aller | aille | allions | aillent |
| faire | fasse | fassions | fassent |
| pouvoir | puisse | puissions | puissent |
| savoir | sache | sachions | sachent |
Waar komt hij verplicht na?
| soort | voorbeelden |
|---|---|
| moeten en willen | il faut que, vouloir que, aimer que, préférer que |
| gevoel | être content que, avoir peur que, regretter que, c’est dommage que |
| twijfel en ontkenning | je ne pense pas que, douter que, il est possible que |
| voegwoorden | bien que, pour que, avant que, jusqu’à ce que, à condition que |
Is het onderwerp in de hoofdzin en de bijzin hetzelfde, dan gebruik je vaak een infinitief in plaats van que: *je veux partir* (niet: que je parte), *avant de partir* (niet: avant que je parte).
Veelgestelde vragen
- Hoe maak je de subjonctif in het Frans?
- Neem de ils-vorm van de tegenwoordige tijd, haal -ent eraf en plak -e, -es, -e, -ions, -iez of -ent erachter. Zes werkwoorden hebben een eigen stam: être, avoir, aller, faire, pouvoir en savoir.
- Na welke woorden komt de subjonctif?
- Na il faut que, vouloir que, aimer que, avoir peur que, être content que, douter que, ne pas penser que, en na de voegwoorden bien que, pour que, avant que, jusqu’à ce que en à condition que.
- Waarom komt er na espérer que geen subjonctif?
- Omdat het Frans hopen als een verwachting behandelt en niet als twijfel. J’espère qu’il viendra staat gewoon in de futur.