Engels

Leesvaardigheid Engels: de tekst hoef je niet te begrijpen

Je hoeft de tekst niet te begrijpen, je hoeft de vragen te beantwoorden. Dat is een ander karwei, en het gaat sneller.

Daniël van Egdom4 min lezen

Kort antwoord

Lees de titel en de eerste alinea, en werk daarna per vraag: lees de vraag, lees alleen de alinea waar hij over gaat, beantwoord hem, en ga pas dan verder. De meeste vragen gaan over het verband tussen twee stukken tekst, en dat verband staat er meestal letterlijk, in één signaalwoord.

In het kort

  • Het examen vraagt niet of je de tekst begrijpt. Het vraagt of je acht vragen kunt beantwoorden.
  • De vragen volgen de tekst, dus je leest hem alsnog helemaal, maar met een reden per keer.
  • Staat er however, but of yet, dan zit daar de mening van de schrijver.
  • Onbekende woorden hoef je niet op te zoeken. Kijk naar het verband, de bouw en de woordsoort.
  • Kijk bij elke fout of je het signaalwoord miste of een woord verkeerd begreep. Dat zijn twee problemen.

Bij leesvaardigheid begint bijna iedereen bovenaan de tekst, leest hem helemaal, snapt hem half, en gaat dan pas naar de vragen. Dan is de helft van de tijd op en moet het echte werk nog beginnen.

Het examen vraagt niet of je de tekst begrijpt. Het vraagt of je acht vragen kunt beantwoorden. Dat is een ander karwei, en het gaat sneller als je het ook zo aanpakt.

01

De volgorde die tijd scheelt

  1. Lees de titel en de eerste alinea. Nu weet je waar het over gaat en wat de schrijver ervan vindt.
  2. Lees de eerste vraag. Er staat bijna altijd bij welke alinea het is.
  3. Lees alleen die alinea, en dan goed.
  4. Beantwoord de vraag, en ga pas dan naar de volgende.

De vragen staan in de volgorde van de tekst. Je leest dus alsnog het hele stuk, maar met een reden per keer, en dat leest een stuk beter dan zonder.

02

Signaalwoorden zijn het antwoord

Verreweg de meeste vragen gaan over het verband tussen twee stukken tekst: is dit een tegenstelling, een gevolg, een voorbeeld? Dat verband staat er meestal letterlijk, in één woord.

VerbandWoordenWat de vraag dan vraagt
tegenstellinghowever, but, yet, nevertheless, although, whereascontrast
gevolgtherefore, so, as a result, consequently, thuscause and effect
voorbeeldfor instance, for example, such as, takeillustration
toevoegingmoreover, in addition, furthermore, besidesaddition
toegevingadmittedly, of course, granted, it is true thatconcession
samenvattingin short, all in all, to sum upconclusion

03

Wat de vraagvorm je verklapt

VraagWat je zoekt
What is the main idea of paragraph 3?de eerste of de laatste zin van die alinea
What does "this" in line 24 refer to?lees de twee zinnen ervóór, nooit erna
Which word fits the gap?kijk naar het verband, niet naar de betekenis
What is the writer’s attitude?zoek de gekleurde woorden: unfortunately, remarkably
What can be concluded?het antwoord staat er niet letterlijk; combineer twee zinnen

04

Onbekende woorden hoef je niet op te zoeken

In elke examentekst staan woorden die je niet kent, en dat is de bedoeling. Je hoeft ze niet te kennen; je moet er alleen langs kunnen lezen. Drie dingen helpen daarbij.

  • Kijk naar het stukje eromheen. *The drought left the fields barren.* Wat *barren* betekent weet je niet, maar je weet dat het niet best is.
  • Hak het woord uit elkaar. *un-* is niet, *-less* is zonder, *re-* is opnieuw, *mis-* is fout. *Unmistakably* valt zo uit elkaar in drie stukken die je alle drie kent.
  • Kijk naar de woordsoort. Staat er *the* voor, dan is het een zelfstandig naamwoord. Eindigt het op *-ly*, dan zegt het iets over hoe. Vaak is dat genoeg om de vraag te beantwoorden.

Pas op met woorden die op Nederlands lijken; daar zit een deel van de valkuil. *Eventually* is niet "eventueel". Meer daarover bij de valse vrienden.

05

Hoe je dit oefent

Leesvaardigheid oefen je met oude examens, en je leert er niets van als je alleen de antwoorden nakijkt. Kijk bij elke fout waar het antwoord stond en waarom je het niet zag: had je het signaalwoord gemist, of een woord verkeerd begrepen? Dat zijn twee verschillende problemen met twee verschillende oplossingen.

Woorden die je onderweg tegenkomt en die vaker terug zullen komen, zet je in een eigen lijst. Examenteksten putten uit een verrassend beperkte woordenschat, dus de woorden die je in één examen twee keer tegenkomt, kom je in het volgende weer tegen.

06

Veelgestelde vragen

Moet ik de hele tekst lezen bij leesvaardigheid Engels?
Nee. Lees de titel en de eerste alinea, en werk daarna per vraag: lees de vraag, lees alleen de alinea waar hij over gaat, en beantwoord hem. De vragen volgen de tekst, dus je leest hem alsnog helemaal, maar gerichter.
Wat doe ik met woorden die ik niet ken?
Niets opzoeken. Kijk naar het stukje eromheen, hak het woord uit elkaar (un-, -less, re-, mis-) en kijk naar de woordsoort. Meestal is dat genoeg om de vraag te kunnen beantwoorden.
Waar staat het antwoord bij een vraag naar de mening van de schrijver?
Meestal na however, but of yet. Wat vóór zo’n woord staat is de tegenwerping; wat erna komt is wat de schrijver zelf vindt.

Geschreven door

Daniël van Egdom

Ik ben scholier en gebruikte zelf van alles om woordjes mee te leren. Voor een mondeling was er niets dat verder kwam dan een lijst overhoren, dus ben ik Woordvos gaan bouwen.

Meteen proberen?

De vijfduizend meest gebruikte Duitse en Franse woorden staan klaar, met uitspraak en voorbeeldzinnen. Je hoeft er geen account voor te maken.

Verder lezen