Frans·3 min lezen
Franse woordjes leren: le, la en de letters die je niet hoort
Waarom je bij de helft van je woorden het geslacht nooit gezien hebt, en welke twaalf uitgangen het wel verraden.
Vraag een leerling of hôtel mannelijk of vrouwelijk is en je krijgt vaak een schouderophalen. Niet omdat het moeilijk is, maar omdat hij het nooit gezien heeft. In de woordenlijst staat l’hôtel, en daar valt niets uit af te leiden.
Het gat dat l' achterlaat
Begint een woord met een klinker, dan trekken le en la samen tot l apostrof. Het is le hôtel en la eau, maar dat zie je nergens. Bij een flink deel van je woordenschat leer je het geslacht dus simpelweg niet, en kom je er pas achter als je een bijvoeglijk naamwoord moet verbuigen.
De oplossing is klein: zet het er zelf bij. In Woordvos doe je dat met een letter tussen haakjes, en dan weet de app het ook.
l'hôtel (m) = het hotel
l'eau (f) = het water
les vacances (mv f) = de vakantie
De uitgangen die het wel verraden
Voor de rest zijn de Franse uitgangen betrouwbaarder dan de Duitse. Twaalf stuks dekken het grootste deel van wat je op school tegenkomt.
| Uitgang | Geslacht | Voorbeeld |
|---|---|---|
| -tion, -sion | la | la nation, la décision |
| -té, -tié | la | la liberté, la moitié |
| -ette, -elle | la | la fourchette, la nouvelle |
| -ance, -ence | la | la chance, la différence |
| -ure, -ude | la | la voiture, la habitude |
| -eur (eigenschap) | la | la couleur, la chaleur |
| -age | le | le fromage, le voyage |
| -ment | le | le moment, le gouvernement |
| -eau | le | le bateau, le château |
| -isme | le | le tourisme, le réalisme |
| -eur (beroep) | le | le professeur, le vendeur |
| -ier, -er | le | le cahier, le boulanger |
Letters die je niet hoort
In het Frans staat er meer dan er klinkt. Ils parlent klinkt precies als il parle. De s van les amis hoor je niet. Wie een woord alleen op klank leert, mist de helft ervan, en die helft is precies wat er op papier moet komen.
Bij Frans is de fase waarin je het woord zelf uittypt daarom nog belangrijker dan bij Duits. Herkennen kun je op gehoor doen. Schrijven niet.
Accenten horen bij het woord
Een accent kan de betekenis omgooien. Ou is "of", où is "waar". Sur is "op", sûr is "zeker". Oefen ze dus mee in plaats van ze weg te laten, ook al kost dat op een Nederlands toetsenbord een rijtje extra toetsen.
Werkwoorden leer je in een zin
Je gebruikt een werkwoord bijna nooit in de infinitief. "Devoir betekent moeten" helpt je dus niet als je staat te twijfelen tussen je dois en je devais. Leer bij elk werkwoord één korte zin waarin het gewoon vervoegd staat. Dat is geen extra werk; dat is het werk.
devoir = moeten
Je dois partir maintenant. / Ik moet nu weg.
venir = komen
Elle vient de rentrer. / Ze is net thuisgekomen.
Een unité in vier keer
Een unité is meestal veertig tot zeventig woorden: te veel voor één zitting, te weinig om er een week over te doen. Deze verdeling werkt.
- Knip in blokken van twintig. Meer gaat door elkaar lopen.
- Doe per blok alle vier de fases, van zien tot schrijven, voordat je aan het volgende begint.
- Oefen de dag erna alles wat je gehad hebt door elkaar, alleen schrijvend.
- Zet op de laatste dag alleen nog de woorden op een rij die je twee keer fout had.
Waarom spreiden zoveel scheelt staat in woordjes leren: wat werkt.
Veelgestelde vragen
- Hoe weet je of een Frans woord le of la krijgt?
- Meestal aan de uitgang. Woorden op -tion, -té, -ette, -ance en -ure zijn vrouwelijk, woorden op -age, -ment, -eau en -isme mannelijk. Bij woorden die met een klinker beginnen staat er l apostrof en zie je het geslacht niet, dus noteer dat er zelf bij.
- Tellen accenten mee bij een toets Frans?
- Meestal wel, en bij sommige woorden veranderen ze de betekenis: ou is of, où is waar. Oefen daarom met de accenten erin.
- Moet je Franse werkwoorden apart leren?
- Leer ze liever in een korte zin dan als losse infinitief. In de infinitief gebruik je ze zelden, dus een zin waarin het werkwoord vervoegd staat sluit beter aan op wat je bij de toets nodig hebt.