Duitse grammatica

Duits·Examen

De Konjunktiv II

Wat je zou doen, wat je zou willen, en hoe je beleefd iets vraagt.

Meteen oefenen

3 stappen, 8 oefenzinnen.

Oefenen

Zo loopt dit onderdeel

  1. 1Voor alles wat niet echt isLezen: de regel met de voorbeelden erbij.
  2. 2De vormen5 zinnen om zelf te maken.
  3. 3Zelf een zin schrijven3 zinnen om zelf te maken.

De Konjunktiv II is de vorm voor alles wat je je voorstelt in plaats van vaststelt. In het Nederlands doe je dat met "zou": ik zou graag gaan, als ik tijd had.

De makkelijke manier: würde plus infinitief

Bij verreweg de meeste werkwoorden hoef je maar één ding te kennen: de vormen van würde, met het echte werkwoord als infinitief achteraan. Dat is precies dezelfde bouw als bij een modaal werkwoord.

würdeVoorbeeld
ichwürdeIch würde gern nach Berlin fahren.
duwürdestWas würdest du machen?
er / sie / eswürdeEr würde dir helfen.
wirwürdenWir würden gern bleiben.
ihrwürdetWürdet ihr das glauben?
sie / SiewürdenWürden Sie bitte warten?

De zes die het zelf doen

Bij zes werkwoorden zeg je nooit würde, want ze hebben een eigen vorm die iedereen gebruikt. Die zes moet je gewoon kennen.

WerkwoordKonjunktiv IIBetekenis
seinwärezou zijn
habenhättezou hebben
werdenwürdezou worden
könnenkönntezou kunnen
müssenmüsstezou moeten
mögenmöchtezou willen

Als het anders was: wenn

De klassieke zin heeft twee helften, en in allebei staat een Konjunktiv. Let op de plaats van het werkwoord: in de wenn-zin gaat het naar het eind, en de tweede helft begint dan met het werkwoord.

Wenn ich Zeit hätte, würde ich mitkommen.

Wenn ich reich wäre, würde ich ein Haus kaufen.

Wenn er hier wäre, könnte er uns helfen.

Veelgestelde vragen

Wanneer gebruik ik würde en wanneer een eigen vorm?
Bij sein, haben, werden en de modale werkwoorden gebruik je de eigen vorm (wäre, hätte, könnte, müsste). Bij alle andere werkwoorden zeg je würde plus de infinitief.
Wat is het verschil tussen hatte en hätte?
hatte is echt gebeurd: ik had. hätte is niet gebeurd: ik zou hebben. De umlaut is het hele verschil, dus die mag je nooit vergeten te schrijven.

Nu zelf invullen

Lezen gaat vanzelf; opschrijven is waar het blijft hangen. 8 zinnen om zelf te maken, en bij elk antwoord staat er in één zin bij waarom het zo is.

Beginnen met oefenen

Andere onderwerpen in het Duits