Latijnse grammatica

Latijn·Bovenbouw

Voornaamwoorden

is, ea, id voor "hij, zij, het", hic en ille voor "deze" en "die", qui voor "die" in een bijzin.

Meteen oefenen

3 stappen, 7 oefenzinnen.

Oefenen

Zo loopt dit onderdeel

  1. 1De woordjes die overal in staanLezen: de regel met de voorbeelden erbij.
  2. 2Welk voornaamwoord?5 zinnen om zelf te maken.
  3. 3Zelf een zin schrijven2 zinnen om zelf te maken.

Latijn heeft geen apart woord voor "hij" of "zij" als onderwerp, want dat zit al in de uitgang van het werkwoord: videt is "hij ziet". Een voornaamwoord gebruik je pas als je ergens naar terugwijst of iets aanwijst.

is, ea, id: hij, zij, het

mannelijkvrouwelijkonzijdig
nom. ev.iseaid
gen. ev.eiuseiuseius
dat. ev.eieiei
acc. ev.eumeamid
abl. ev.eoeaeo
nom. mv.ei / iieaeea
acc. mv.eoseasea

Merk op dat de genitivus en de dativus voor alle drie de geslachten gelijk zijn: eius en ei. Dat scheelt de helft van de tabel.

hic en ille: deze en die

hic wijst naar iets dichtbij ("deze hier"), ille naar iets verderaf ("die daar"). In een verhaal betekent hic vaak "de laatstgenoemde" en ille "de eerstgenoemde".

hic (m)haec (f)hoc (o)ille (m)
nom. ev.hichaechocille
gen. ev.huiushuiushuiusillius
acc. ev.hunchanchocillum
abl. ev.hochachocillo
nom. mv.hihaehaecilli

qui, quae, quod: die of dat

Dit is het voornaamwoord dat een bijzin inleidt: vir qui venit (de man die komt). Het geslacht en het getal komen van het woord waar het bij hoort; de naamval komt uit de bijzin zelf.

vir qui venit -> qui is onderwerp van venit: nominativus

vir quem video -> quem is lijdend vw van video: accusativus

femina quae venit -> vrouwelijk, dus quae

mannelijkvrouwelijkonzijdig
nom. ev.quiquaequod
gen. ev.cuiuscuiuscuius
dat. ev.cuicuicui
acc. ev.quemquamquod
abl. ev.quoquaquo
nom. mv.quiquaequae
acc. mv.quosquasquae

Veelgestelde vragen

Waar haal ik de naamval van qui vandaan?
Uit de bijzin. Het geslacht en het getal komen van het woord waar de bijzin bij hoort, maar de naamval van wat qui in die bijzin doet: onderwerp (qui), lijdend voorwerp (quem) of iets anders.

Nu zelf invullen

Lezen gaat vanzelf; opschrijven is waar het blijft hangen. 7 zinnen om zelf te maken, en bij elk antwoord staat er in één zin bij waarom het zo is.

Beginnen met oefenen

Andere onderwerpen in het Latijn